Ik sta op het strand en kijk om mij heen. Het is zondag, einde van de middag het is druk. Mensen liggen nog lekker te zonnen bij 30+ graden en andere flaneren in kleurige kleding op de boulevard. Het zeewater was heerlijk van temperatuur (25 graden), helder en de golven rustig; dat geeft vertrouwen. Dan open ik mijn drybag en zie dat mijn spullen toch een beetje nat zijn geworden -oeps dat is niet de bedoeling. Maar toch ben ik blij en heb er vertrouwen in dat ik mijn volgende avontuur kan gaan plannen.
Ik wil gaan swimpacken in de Adriatische Zee bij Bar, Montenegro.
In mijn appartement ga ik aan de slag. Op google maps bestudeer ik de kustlijn ten noorden van Bar. Ik zoek stranden (want daar kan ik aan wal), onderkomens en supermarkten. Een heel gepuzzel, maar ik heb nu een paar zwemdagen uitgewerkt; de route is flexibel genoeg voor aanpassingen. Een nieuw avontuur en enorm anders dan het vorige (Peaks of the Balkan) – ik heb er alweer zin in!
Dag 1 Bar – Vrelo Brca
16 september 2025 1KM hike naar Barska Plaza 5,7KM zwem naar Sutomore Plaza 1KM hike heuvelop naar onderkomen in Vrelo Brca, Sutomore
Jippie, ik ga starten en ook een beetje oeioei, want ik vind het ook spannend. Ik sta op Barska Plaza, het strand bij het centrum van Bar; vlak naast de haven waar cruiseschepen aanleggen. De zon schijnt volle bak en de zee ligt er rustig bij. Ondanks dat het negen uur ’s ochtends is, zwemmen er al best wat mensen en liggen er nog meer al te bakken in de zon.
Mijn rugzak met mijn spullen heb ik in een grote waterdichte tas gedaan; mijn telefoon, geld en slok water zitten in de kleine dry bag. Deze twee tassen heb ik aan elkaar geknoopt en zitten met een band om mijn middel. Ik sleep de drijvende tassen dus achter mij aan. Dikke laag zonnebrand op mijn schouders, badmuts op het hoofd en peddels in de hand. Ik haal nog een keer diep adem en stap de zee in. Het gaat gebeuren!
De eerste slagen zijn wat onwennig, mijn swimpack ligt nog in de weg en het voelt zwaar – uiteraard. Op zo’n 100 meter uit de kust draai ik richting het noorden en zwem verder langs de kustlijn. Een klein rotspartijtje waardoor ik moet uitwijken maar de komende kilometers is het een redelijk rechte lijn van aaneengeregen stranden. Fijn om een veilig begin te hebben. Na 800m ga ik even richting strand, mijn veters zitten los, dubbele knoop erin en ik kan weer door. Na 1500m ga ik weer richting strand, ik wil checken of mijn swimpackinggear wel waterdicht is. Oeps, de grote tas is nat van binnen – ik pak alles eruit en laat het drogen. Hmmm, eens denken hoe ik dit kan oplossen; het is niet zeiknat maar als er meer water in komt wordt het ook zwaarder om te trekken. Ik verander de trekconstructie en hoop dat dat gaat werken. Als de spullen iets droger zijn (ik ben een beetje ongeduldig), pak ik alles weer in om verder te zwemmen. Inmiddels wordt de strandstrook onderbroken door rotspartijen – superkoel want nu valt er meer te zien onderwater. Na 3KM vind ik een hippe strandtent waar ik een pauze neem. Cola om de zoute smaak weg te werken en koffie omdat dat lekker is. Mijn spullen heb ik op het strand uitgestald om verder te drogen. Mijn nieuw trekconstructie lijkt te werken, want de spullen zijn niet natter geworden.
Mijn volgende etappe is zonder strandjes en rondom een uitstekende rotstong. Dit wordt wel weer spannend met rotsblokken half onder water/boven water en de golven die daarop stuk slaan. Het zeewater is heel helder dus ik zie veel vissen/visjes, wat koraal maar ook zie ik de rotsen duidelijk onder water. Dat is mooi voor de navigatie. Na deze uitstekende rotstong zie ik mijn eindbestemming al liggen: Sutomore. Ik zie flats, grote gebouwen en stranden in de verte. Ik mik op het midden van het strand, dan snijd ik een deel af. Ondertussen is de wind toegenomen en is de baai een grote klotsbak. Hierdoor is het water minder helder en ik word ook een beetje misselijk van dat geklots. Afijn een kleine kilometer later spoel ik aan wal (zo voelt het) bij een strandtent met luide muziek en wat afval rondom. Het is alsof ik een festivalterrein op stap. Dit is dus een populaire kustplaats voor feestgangers.
Ik haal mijn rugzak tevoorschijn, trek mijn slippers aan en wandel het achterliggende dorp in. Het dorp ligt steil tegen de rotswand geplakt, dus ik mag meteen klimmen naar mijn onderkomen. Mijn kuiten staan in de brand en mijn lichaam plakt van het zeewater, maar ik heb een grote lach op mijn gezicht. Dag 1 is een succes – wat was het mooi onderweg en het swimpacken ging prima.
Dag 2 Vrelo Brca – Zagrađe
17 september 2025 1KM via bakkerij naar Sutomore strand 3,5KM zwem naar Maljevik Plaza kleine KM hike naar onderkomen in Zagrađe, Sutomore *middag hike 5,5KM
Voor ik naar de zee ga, wandel ik langs de bakker. Ik koop wat vette snacks en wit brood voor onderweg. De zoute smaak zit nog steeds in mijn mond, dus ik hoop dat ik dat hiermee onderweg kan neutraliseren. Het lijkt windstiller op het strand maar als ik aan de rand van de baai ben, waait mijn swimpack mij voorbij. Bedenk dat mijn swimpack groot is en makkelijk wind pakt, maar het is ook zwaar (ik gok 17kilo). Mijn eigen overhaal veroorzaakt een spetterregen en er staan mini-schuimkopjes op de golven. Er is bijna geen zon en ondanks dat het tegen de 30 graden is, voelt de wind koud aan mijn natte armen. De kustlijn is hier de komende kilometer een bergwand zonder mogelijkheid om eruit te klimmen en te gaan wandelen.
Okay, tijd voor bezinning. Is het handig wat ik ga doen? Semi-aflandige wind, swimpack zweeft mij voorbij, schuimkopjes – kan ik hier tegenop/tegenin zwemmen? De kustlijn loopt wat weg van het strand dus volle wind in de rug. Maar daarna buigt de kust gunstig om zodat ik uit de wind ben. Daar zijn stranden waar ik eventueel uit het water kan. Ik ga ervoor.
Ik zwem tussen grote rotsblokken door – het is wat spannend maar vooral prachtig. Rode kliffen op rechts, golven op links, af en toe zwem ik bijna tegen een rotsblok zie ik veel visjes in het blauwe, heldere water. Heel veel heb ik nog niet gezwommen maar ik ga bij de eerste de beste mogelijkheid toch even aan wal. Als ik dan om mij heen kijk, zie ik dat ik vlakbij het echte strandje ben. Ik zwem het kleine stukje door en ga daar de kant op. Het is een drukbezocht strandje dat via een tunnel in de berg te bereiken is. Ik spreid mijn handdoek uit en eet een vette snack. Nog geen uur onderweg, maar voor mijn gevoel al heel veel meegemaakt. Dat hoort bij zwemmen; alles lijkt groter en verder weg als je in het water ligt. Als ik vanaf het strand naar het water kijk, lijkt het rustig water maar lig ik erin dan voel ik de golfslag en zijn de schuimkoppen ineens wel groot.
Na een half uur ben ik wat opgewarmd en pak ik mijn spullen in. Ik scheer langs een snorkel-strand en ga naar de laatste baai. Mijn nek wordt stijf omdat ik aan het rondkijken ben naar de mooie taferelen onder mij. Inmiddels heb ik ook al schuurplekken van mijn badpak (zout water schuurt). Gelukkig lig ik vandaag niet zo lang in het water want mijn rug is al behoorlijk verkleurd.
De lengte van mijn zwemdeel is altijd lastig in te schatten. Met behulp van google maps gok ik de zwemafstand langs de kustlijn en rond dat voor de zekerheid naar boven af. In het water kan het zijn dat ik bv een baai afsnij of juist wat vaker aan wal moet. Het blijft dus de vraag wat de afstand wordt. Ik dobber aan bij Maljevik Plaza. Er is een douche en dat is een genot, net als de cola op het terras. Ik blijf wat hangen, lees mijn boek en schrijf wat in mijn dagboek. Met de lounge-muziek op de achtergrond is het een relaxed sfeertje hier.
Na mijn lunch pak ik toch mijn spullen in om naar het appartement te gaan, 1KM verderop. Want vandaag is het een stuk verder lopen voor mijn avondeten dus ik heb nog een hike te doen deze middag. Mijn boodschappenronde plan ik dusdanig dat ik bovenlangs mijn spannende zwemdeel kom. Ik kijk naar beneden en zie supergaaf helder zwemwater tussen de rotsblokken – daar zou ik wel willen zwemmen (ohja, dat had ik vanochtend gedaan..).
Dag 3 Maljevik Plaza – Čanj
18 september 2025 4.7KM hike naar Plaza Mis 1.5KM zwem naar Čanj Plaza 1.5KM naar onderkomen in Čanj *middag swimpacking-light 2KM hike naar Kraljičina Plaža 3.3KM zwem terug 1,5KM naar onderkomen
Slapen is me niet zo goed gelukt – het was storm en er lagen wat dingen te klapperen. Voor vandaag is er code geel afgegeven voor de wind; de richting is aflandig. Ik besluit het meest vrijliggende deel van de zwemroute over te slaan om in de luwte te kunnen zwemmen. Via google maps vind ik een beschut strandje – officieel alleen met boot bereikbaar. Maar ik ontwaar een paadje op de kaart; de review zegt dat het goed aan te lopen is alleen het laatste stuk is een beetje steil. Het is een mooie hike waarbij ik van bovenaf terugkijk op het strand waar ik gisteren eindigde. Het is wat klimmen en dan een lang pad bergafwaarts naar het strandje. De opmerking ‘beetje steil’ is een understatement – het gaat nagenoeg loodrecht naar beneden, takken en wortels zijn mijn enige houvast want grip heb ik niet. Maar goed, dan sta ik wel op mijn eigen strandje!
Mijn eindbestemming van vandaag, Čanj, zie ik in de verte al liggen. Door het afsteken is het vandaag weer niet veel zwemmen – het is wat het is. Ondanks dat ik in de luwte van de landtong zwem, word ik flink heen en weer gegooid door de golven die van opzij komen.
Ik zwem naar het verste deel van het strand – daar lijkt een leuk tentje te zitten. De cola doet goed voor het weeïge gevoel in de buik. Ik ben vroeg op mijn eindbestemming en check in mijn appartement in.
Badpak houd ik aan en besluit het paadje naar Kraljičina Plaža, Queen’s Beach te zoeken – ook een strandje dat officieel alleen via het water bereikbaar is.
In deze baai is het ook weer prachtig zwemmen/snorkelen. De wind is wat gedraaid en staat gunstig om mezelf op de golven mee terug te laten drijven naar het dorp. Met mijn kleine swimpack is dit te doen; met mijn rugzak was het onverstandiger geweest. Ik ben blij met mijn peddels – het geeft een veilig gevoel om krachtige halen te kunnen maken (ondanks dat mijn schouders het ook wat meer voelen). Bij terugkomst vind ik weer een heerlijk rustig terras en voel ik me uitgelaten genoeg om mijn boek te lezen.
Dag 4 Čanj – Petrovac
19 september 2025 11.9KM naar Buljarica Plaza 1.6KM zwem naar strand van Kaluderac 2.4KM hike naar Petrovac
Alweer een woelige nacht achter de rug. De code geel is nog van kracht dus doe ik weer een alternatief. De hike is vandaag wat langer en gaat voor bijna 2KM langs een hele drukke weg – niet leuk. Maar dan heb ik de afslag te pakken en kan ik door het binnenland naar het volgende strandje. De wandelroute staat aangegeven, dat geeft hoop.
Het pad wordt niet veel gebruikt en pas geleden is er een brand geweest dus ik loop tussen zwart geblakerde struiken en bomen door. Eerst wandel ik langs een kapelletje en dan ga ik op zoek naar de route. Er zijn meerdere olifantenpaadjes, de een nog meer verwaarloosd dan de ander), maar het pad dat ik wil hebben is onvindbaar. Daar waar het zou moeten zijn, is allesovergroeid/weggevaagd etc. Ik dwaal nog wat rond maar er zijn ook geen alternatieven in de buurt. Ondertussen zit ik onder de zwarte strepen van het verbrande bos, want ik probeer uiteraard elk paadje. Het is balen dat ik het paadje niet vind, want nu moet ik terug naar die drukke weg. Een KM verderop kan ik een afslag pakken waarvan ik zeker weet dat deze bij de zee uitkomt. En wel bij het zuidelijke deel van Buljarica Plaza, uitstappen doe ik op het noordelijke punt van dit strand.
Ook vandaag is het kort zwemmen en daarbij heb ik enorme deining van opzij. De onderwaterwereld blijft betoveren. Inmiddels zwem ik met tshirt want mijn rug is te rood; mijn schouders smeer ik ’s avonds en ’s ochtends in met baby-zalf vanwege de schuurplekken. Helemaal ongeschonden kom ik dus niet uit de strijd. Een beetje wankel stap ik het strand weer op. Eerst douchen en rustig zitten.
Later deze dag is er een langere hike naar mijn onderkomen in Petrovac. Geen lange zwem maar uiteindelijk toch wel veel KM’s gehiket. Het is duidelijk dat ik bij een grotere plaats aan kom. De stranden worden drukker, meer terrassen, veel strandbedjes en er zijn wandelroutes tussen de stranden.
Dag 5 Petrovac – Petrovac
20 september 2025 *swimpacking light 2.7KM hike naar Plaža Perazića Do 1.6KM zwem terug naar Petrovac 500m hike over boulevard Petrovac 1.7KM zwem naar Lučica Plaža 3.4KM hike naar onderkomen
Officieel geen swimpacking meer, maar wel day-swimpacking. Eerst langs de supermarkt voor vette snacks, cola en water. Daarna langs een mooie wandelroute richting het noorden naar Plaža Perazića Do, de volgende badplaats (in aanbouw) en daar het water ingedoken.
Vanaf hier laat ik mijzelf op de golven naar het zuiden meevoeren. Net voor ik weer in Petrovac ben, zwem ik nog een kleine grot in. Het water is hier zo helder dat het heerlijk snorkelzwemmen is.
In Petrovac neem ik een koffie op een terras. Vanaf daar zwem ik verder naar het zuiden naar het volgende strand. Tussendoor nog wat andere kleine strandjes gepakt voor het lezen in mijn boek of een snack te eten. Ook vind ik vandaag meerdere kleine grotten waar ik in kan zwemmen. Het is heerlijk spelen in de zee!
Dag 1 1KM hike naar Barska Plaza 5,7KM zwem naar Sutomore Plaza 1KM hike heuvelop naar onderkomen in Vrelo Brca, Sutomore
Dag 2 1KM via bakkerij naar strand 3,5KM zwem naar Maljevik Plaza kleine KM hike naar onderkomen in Zagrađe, Sutomore *middag hike 5,5KM
Dag 3 4.7KM hike naar Plaza Mis 1.5KM zwem naar Čanj Plaza 1.5KM naar onderkomen in Čanj *middag swimpacking-light 2KM hike naar Kraljičina Plaža 3.3KM zwem terug 1,5KM naar onderkomen
Dag 4 11.9KM naar Buljarica Plaza 1.6KM zwem naar strand van Kaluderac 2.4KM hike naar Petrovac
Dag 5 *swimpacking light 2.7KM hike naar Plaža Perazića Do 1.6KM zwem terug naar Petrovac 500m hike over boulevard Petrovac 1.7KM zwem naar Lučica Plaža 3.4KM hike naar onderkomen
Zwemmen, daar houd ik wel van en wat zou het tof zijn om al zwemmend je vakantie te vieren – dus verplaatsen van A naar B met je eigen spullen mee. Kortom, swimpacking! Maar hoe en waar en zo?
Dus ging ik op zoek naar een ‘watergebied’ en laat Zweden nou veel water hebben..?! Maar is al het water geschikt voor swimpacking? Een lijstje met wensen ontstond; ik wil
overzichtelijke afstanden om te overbruggen (zwemmend/lopend)
goed in/uit het water kunnen komen
voldoende mogelijkheid tot boodschappen doen (want anders te zwaar beladen)
geschikt zwemwater, dus geen moerassig gebied of afgesloten water ..vind dat maar eens vanuit Nederland op google maps..
Ik moest een andere zoekmethode uitvogelen om een geschikt gebied te vinden. Wie willen er nog meer een plek met veel water en deze wensen.. gezinnen die gaan kanoën!
Met een handvol suggesties reisde ik af naar Zweden. In mijn rugzak zat mijn campinggear, harpoenduikvisunit en veel drybags. In mijn hoofd zaten vraagtekens. Grootste vraagteken: kon ik dit wel? In Nederland heb ik 1x een overnighter op een eiland gedaan, dat was met weinig spullen en in een meer dat ik kende. Nu had ik de ambitie om in Zweedse meren te zwemmen met veel meer spullen, weinig kennis van het gebied en wild te kamperen.
dit is bijna wild kamperen..
Na eindeloos gezoek op google, kaarten en websites uitspittende bleef ik telkens hangen bij het Strömsholmskanal. Het zag er overzichtelijk uit, het traject ging van noord naar zuid (stroomafwaarts, voor zover je er stroming zou zijn) over meren en door smalle kanaaldelen, er waren zonnige plaatjes van gezinnen in kano’s en kleine bootjes bij sluizen. Onderweg waren wat plaatsjes voor het inkopen van eten. Water kon ik wel uit de meren drinken/halen. Qua looks zag het er ‘do-able’ uit. Het enige vraagteken bleef of mijn rugzak met alle bagage wel op mijn harpoenduikvisunit paste – dat had ik niet uitgeprobeerd. Ofwel, het was de hoogste tijd om het avontuur aan te gaan!
Smedjebacken-Söderbärke
Op het strand, in de stromende regen heb ik mijn wetsuit aangetrokken, alles waterdicht ingepakt en op mijn harpoenduikvisunit gesjord. Ik sta klaar, trek de badmuts over mijn oren en kijk naar het zuiden. Die kant op.. toch? Maar waar moet ik eigenlijk op oriënteren als ik een meer oversteek? Aan de overkant is alles groen bos. Ik pak mijn mobiel weer uit mijn tas en kijk op de kaart. Ahaa, als ik mijn zwembril af doe zie ik een stipje in de verte wat een huisje is en daar rechts van is het bos iets hoger – daar mag ik op mikken. Mobiel weer in de tas, bril weer op het hoofd, paddles aan de handen en horloge gestart – ik ben op weg..
De eerste honderd meter kijk ik elke zwemslag onder mijn arm door: blijft mijn harpoenduikvisunit drijven, valt mijn dagdrybag er niet af? Hoe verder ik uit de kant kom, hoe meer wind er is en dus hoe meer golven.. ik voel de unit telkens schokjes geven, de wind duwt mijn harpoenduikvisunit naar achteren terwijl ik naar voren zwem – prima, nu weet ik dat ik ‘m nog steeds voort sleep.
Van te voren wist ik al dat ik niet alles zwemmend kon doen. Het gehele kanaal is 110KM lang en ik wil niet mijn schouders in puin zwemmen. Maar tja, alles ziet er veel te leuk uit om slechts een deel te doen. De noordelijke helft bestaat voornamelijk uit prachtige meren die met elkaar verbonden zijn en verder richting het zuiden zitten er steeds meer kanaalstukken tussen. Heel divers qua omgeving, dus wat te kiezen? Andere constatering was, is dat er weinig supermarkten/eetgelegenheden onderweg zijn. Dus om niet voor een week eten mee te nemen zou het fijn zijn om langere afstanden op een dag af te leggen. Conclusie, ik ga ook stukken hiken.
Na vier kilometer zwem ik naar de achtertuin van een huis dat dicht bij de weg ligt. Ergens anders kan ik niet uit het water want dat is allemaal moeras. Er is niemand thuis, dus dat scheelt een praatje. Snel draag ik mijn spullen over het net ingezaaide grasgazon naar de weg. Ik trek mijn wetsuit half uit, doe mijn trailschoenen aan, trek de raincover over mijn rugzak, neem de unit onder mijn arm en begin met hiken. Mijn badmuts houd ik op, dat ziet er vast gek uit maar het is wel lekker warm. De weg loopt langs het meer en er zijn weinig huizen. Het regent, maar dat maakt niet uit omdat ik toch al/nog nat ben. Maar met de donder en bliksem schuil ik toch even bij een huis waar de oprit vol staat met onkruid – hier is al een tijdje niemand geweest en tussen de glasscherven ga ik op de veranda zitten. Ik heb geen haast, dus ik zit hier prima.
De bui drijft over en ik vervolg mijn weg. Op de kaart heb ik gezien dat op het moment dat de gravelweg afbuigt naar de grote weg, ik weer het water in kan. Hier wandel ik naar de steiger, pak alles weer in om op de harpoenduikvisunit vast te sjorren en duik het water in (nah, ik loop rustig want het is een rotsige ondergrond). Oriënteren is nu iets gemakkelijker want ik mik op een klein uitstekend deel langs de kant (die bomen zijn veel groter dan verderop). Als ik die landtong gepasseerd ben, zie ik mijn einddoel liggen. De grote kerk van het plaatsje Söderbärke is zichtbaar en ik weet dat daar rechts van een strandje is – daar kan ik dus gemakkelijk aan wal komen. Bij het strandje zie ik een bankje onder de bomen en besluit me daar om te kleden en hike-klaar te maken. Vandaag zwem ik niet meer, dus kan ik mijn droge en warme kleren aan. Net als ik aan wal kom, begint het flink te regenen. Wetsuit uit, waterschoenen uit en dan toch maar even wachten tot het wat droger wordt want het komt met bakken uit de hemel en ik heb geen zin in natte kleren/rugzak. De bui drijft over en bij het bankje kleed ik mij verder om. Via de ICA, supermarkt, ga ik op zoek naar mijn overnachtingsplek van vandaag: een vindskydd (schuilhut). Op een prachtige plek aan het water vind ik de skydd en kan ik deze inrichten als overnachtingsplek. Ik ben er alleen en heb ruimte om alles uit te spreiden en te laten drogen.
Vindskydd – een kleiner gebouw voor het buitenleven dat tot doel heeft wandelaars een dak boven hun hoofd te bieden en bescherming te bieden tegen het weer in het algemeen. Vaak drie muren met een dak van hout of planken waarvan de vierde zijde open is. Sommige zijn zo gemaakt dat je er in kunt overnachten, andere alleen voor kortere pauzes. Vaak is er een vuurplek recht voor de open kant (vandaar de vuurlucht in de skydd). Deze schuilhutten liggen op de meest prachtige plekken met het beste uitzicht. Ze staan niet standaard op de kaart en dus moet je ze vinden via vage beschrijvingen.
Söderbärke – Fagersta
Het heeft vannacht enorm geregend en de plassen staan voor mijn ‘deur’. Nog steeds miezert het en moet ik dus in de skydd koken en ontbijten. Terwijl ik aan de koffie zit, zwemt er een bever voorbij.. wat een machtig groot beest is dat! Nu dan het inpakken en klaar maken voor het zwemmen. Het kost me werkelijk anderhalf uur voor ik daar klaar mee ben – routine zit er nog niet echt in. En tja een nat wetsuit aantrekken, kost veel tijd. Maar rond 9 uur trek ik mijn unit weer door het water. Na ruim een uur zwemmen, navigeer ik naar een steiger waar ook een krokodil en een zwaan aangemeerd zijn. Hier kan ik mooi uit het water stappen om te gaan hiken. Deze keer kleed ik mij helemaal om; gisteren had ik gehiked in een nat wetsuit maar dat heeft irritatie-plekken opgeleverd dus dat doen we niet meer voor lange stukken. Dit betekent een langere transitie-tijd per keer dat ik wissel, maar hé het is vakantie! Met dat in gedachte neem ik halverwege mijn hike plaats op een nat bankje voor mijn brunch. Het koude water en natte weer zorgt ervoor dat ik flink wat energie er doorheen jaag, dus ik ben hongerig. Ik haal de vetekakor, jam en pindakaas tevoorschijn. Mijn motto is om zo licht mogelijk te swimpacken, maar de pot pindakaas is hierop een uitzondering. En ook mijn boek (van papier) is hierop een uitzondering.
Bij een steiger heb ik een mooie plek gevonden om weer te water te gaan. Ik laat mijn rugzak op een bankje zakken en hoor een stem. Het is Katja in haar packraft – ze peddelt vandaag een stukje met mij mee. Ze komt op het juiste moment, want ik ga nu een lange oversteek maken met fikse zijwind, extra ogen zijn nu wel welkom. Maar eerst eten we op de kant een kanelbullar (goede energie-bom!) en praten over het weer. Het is niet de Zweedse zomer die ik voor ogen had; het is regenachtig en de zon heb ik nog maar amper gezien. Gelukkig is de temperatuur rond de 20 graden en het water is ook schappelijk met 18 graden.
Het aantrekken van mijn natte spullen gaat niet altijd even gemakkelijk..
De oversteek is best uitdagend; ik mag zijwind en golfjes met schuimkoppen trotseren. De wind komt uit het noorden en ik maak de oversteek aan de zuidkant van het meer.. de beste plek voor de meeste wind en de beste golfjes! Het blijkt dat mijn harpoenduikvisunit zwaar geladen is, want deze blijft stoïcijns in een redelijke rechte lijn achter mij drijven. Het is wel wat meer trekken aan de unit omdat deze een goede windvanger is.
Aan de overkant stappen we aan wal bij een huis met een enorme lap grond en een picknicktafel bij het water. Hier eten we onze tweede kanelbullar voor we afscheid van elkaar nemen. Ik ga te voet verder om in een boog om de stad Fagersta heen te hiken. Hier zijn meerdere sluizen en dan heeft het weinig zin om te zwemmen (telkens het water uit om om de sluizen heen te lopen). Het blijkt dat ik nog een lang stuk mag hiken om uiteindelijk bij een camping uit te komen.
Graag zou ik weer een skydd hebben, maar die zijn er hier niet. Wildkamperen wil ik niet doen omdat het weer instabiel is en er veel regen verwacht wordt. Dus ingecheckt bij de camping, mijn tarp + bivakzak klaar gelegd op een minder nat stukje veld en de avond doorgebracht in het service-gebouw (daar is het nu nog warm en droog voor ik nat en koud de nacht onder mijn tarp ga doorbrengen). Ik zie er tegenop om buiten te slapen. Met deze onvoorspelbare plensbuien zie ik mezelf al een waterstroompje die precies mijn bivakzak in sijpelt als ik slaap.. het valt allemaal mee en alleen mijn voeteind (die buiten mijn tarp steekt) is de volgende ochtend nat.
Fagersta – Kalvön
Vandaag vertrek ik hikend vanaf de camping naar het water, dus word het moment om mijn natte badpak en wetsuit aan te trekken nog even uitgesteld. Bij de waterkant prikt er een schraal zonnetje door de wolken – ik word er blij van, eindelijk is daar dan de ‘sol’ die warmte en licht geeft. De afgelopen dagen waren best wel grijs en grauw. Bovendien is er nu geen wind, dus het water is als een spiegel. Van treuzelen is nu geen sprake en ik wurm mij snel in mijn wetsuit om hiervan te genieten.
Om een mooie etappe-indeling te maken, zwem ik eerst drie kwartier om alweer de kant op de klimmen voor een stuk hiken. Dit is een leuk stuk route over gravelpad en kleinere paadjes. Na een klein uur plons ik er weer in om stroomafwaarts te dobberen door het smallere stuk bij een dorpje. Het is voor het eerst dat ik merk dat er een klein beetje stroming is. Na het dorp kom ik op een groter meer waarbij ik echt een stuk afsnij als ik rechtstreeks op een eiland afkoers als dat ik de kant volg. Ik pak twee Riesen (de Duitse variant op de Chokotoff) en zet die in mijn kiezen vast. Om mij heen kijkend bepaal ik mijn koers, met als extra hulpmiddel de zon! Mijn hoofd gaat in het water en ik begin te zwemmen. Onderweg spiek ik heel af en toe of ik nog op koers lig en verder doe ik niets anders dan mijn armen overhalen en lange slagen maken. In een redelijk rechte lijn (volgens mijn Garmin achteraf) kom ik bij het eerste eiland aan. Vanaf daar weer wat andere eilanden schampen om weer met de stroom door een smaller stuk te dobberen.
Eindbestemming vandaag is Ängelsberg en dat is te ver zwemmen; dus speur ik langs de kant naar een steiger/huisje/bootje om uit te stappen. Hikend vervolg ik mijn weg naar Ängelsberg; hier is een buitenmuseum van de mijnwerken waar ik een rondje wil maken.
Het is halverwege de middag en het is warempel best lekker weer. Hier in de buurt wil ik overnachten; er zijn twee opties, een hostel en een vindskydd op een eiland. Maar eerst plof ik op een terras neer voor een koffie met een stuk choco-kokostaart, bomvol calorieën. Het hostel blijkt volgeboekt, dus mag ik na deze heerlijk stop de laatste etappe zwemmend afleggen om bij het eiland Kalvön te komen.
Het eiland is groot en ik heb geen idee waar de skydd is; dus mijn strategie is om de kortste oversteek te maken en dan ergens aan wal gaan om hikend te verkennen. De oversteek was korter dan gedacht maar het eiland was ook begroeider dan bedacht. Ik leg mijn harpoenduikvisunit op de kant en ga op zoek naar een paadje of een andere aanwijzing van menselijk aanwezigheid. Ik kom niet gemakkelijk door de bossages en besluit terug te gaan. Nu ben ik aan de schaduw- + wallekant van het eiland; de Zweden kennende, staat die skydd op een plek met het meest prachtige weidse blik over het water en dat is aan de andere kant. Dus ik leg mijn unit weer in het water en begin om het eiland heen te zwemmen, ondertussen loerend naar iets dat op een skydd lijkt. En jawel, aan de andere kant bij een idyllisch inhammetje ligt de mooiste vindskydd van de hele week in de avondzon op mij te wachten. Het is een geweldige plek en er is zelfs een TC (compost toilet). Bij de avondzon gooi ik mijn rugzak leeg en laat ik alles drogen, want vanochtend was ik niet droog vertrokken.
Een visser op het meer in de avondzon
Kalvön – Seglingsberg
’s Ochtends stuiter ik nog steeds dat ik zo’n fantastisch plekje heb. Ondanks dat, heb ik binnen no time mijn spullen gepakt en lig ik in het water. Ik mag twee eilanden schampen en dan naar het zuiden draaien om naar het dorp Visbro te zwemmen. Nog niet net onderweg of er komt mist opzetten en wel heel snel. Ik neem de risico’s door in mijn hoofd; wat als het echt dicht trekt, hoe kan ik dan navigeren? Op dat moment ben ik al precies tussen de eilanden in, dus ik zwem door. Het zicht wordt slechter maar ik kan het eiland blijven zien. Als ik daar aankom, ga ik zitten op een rots. Op mijn mobiel check ik nogmaals mijn route. Nu naar de kant zwemmen levert me enorm veel meer meters op en de afstand naar het volgende eiland is een stuk korter. Ik neem de gok en navigeer mezelf op het rechterpunt van eiland. Mocht er geen zicht meer zijn, dan weet ik dat er links van mij het eiland zit maar, belangrijker nog, links van mij is het vasteland te vinden – het ligt als het ware als een fuik voor mij. Ik heb geluk, want de mist wordt niet erger.
Ondertussen ben ik uit mijn ritme; ik ben al een paar keer gestopt om me met mijn mobiel te oriënteren (dat betekent zwemmen naar ondiep stuk, stoppen, paddles uit, brilletje af, dag-drybag openen, mobiel aan zwengelen, omgeving bestuderen en vice versa). En op de een of andere manier blijf ik dat nu doen terwijl de route niet eens zo moeilijk is, maar ik kan deze maar niet onthouden. De 10KM die ik vandaag zwem worden er niet veel sneller van, het zij zo. In Visbro stap ik net voor de sluis uit het water en kleed me helemaal om, inclusief regenpak. De dag begon met mist maar die ging over in grijs, grauw weer en miezer.
Via de ICA vervolg ik hikend de weg naar mijn volgende vindskydd. De miezer wordt regen en de regen worden plensbuien. Ik schuil weer bij een leegstaand huis maar merk in het uur daarna dat alle weerapps weer geen goede voorspellingen kunnen geven. De capuchon trek ik over mijn hoofd, want wachten op een droog moment heeft geen zin; flierefluitend ga ik verder, want het blijft vakantie… Als ik bijna bij de eindbestemming ben, hoor ik het geraas van het Kraftwerk (energie-centrale) al in de verte. Ik hoop maar dat ik dat geraas niet de hele nacht hoor. Ook nu heb ik de skydd voor mijzelf – ik hang mijn spullen uit en ben blij dat alle regenspullen/drybags goed hun werk doen. Met al die nattigheid valt er (voor mij) jammer genoeg geen fikkie te stoken, dat zou de droogtijd namelijk wel verkorten en wat aangename warmte geven.
Om niet teveel af te koelen trek ik tijdens het koken mijn bivakzak vast aan. Het blijft regenen en inmiddels krijg ik via de socials door dat storm Hans het zuiden van Zweden en Noorwegen teistert. Ik lees nog wat in mijn boek en merk dat ik af en toe wordt bijgelicht door bliksem – kort daarna begint het gerommel en hoor ik de bomen flink ruisen in de wind. Het is lastig inslapen met dat slechte weer; ik zet een muziekje op ter afleiding. De hele nacht blijft het spoken, maar ik lig heerlijk in mijn skydd.
Seglingsberg – Surahammar
De volgende ochtend is het een rommeltje (afgewaaide takken – modderig water) en de stroming is toegenomen in het kanaal. Extra opletten, in de meren dronk ik het water maar dat is voor mijn gevoel nu niet verstandig. Bij het ontbijt kook ik extra water om een goed gehydrateerde start van de dag te maken. Ik vertrek zwemmend door een smal stuk van het kanaal aansluitend op het Kraftwerk – hier merk ik de stroming aanzienlijk, vooral bij het ondiepe deel waar ik af en toe nipt over de rotsblokken heen schaaf. Het water is kouder maar zolang ik blijf zwemmen, blijf ik warm. Bij de grote plas moet ik aan de westkant blijven en schommel flink door de zuid-oosten wind. Hard zwem ik door, want door die wind is het nog een stuk kouder en ik ben dan ook blij als ik weer bij de beschutting van het smallere deel ben. Vandaag nog één keer een plas oversteken en dan zwem ik ruim anderhalve kilometer door een smal kanaal met beste stroming.
Bij de sluis van Ramnäs kom ik uit het water. Inmiddels is de hemel donker en hoor ik in de verte gerommel – mooi moment om op te stoppen met zwemmen. Vandaag heb ik lang gezwommen en ik kruip dan ook stram en koud op de steiger. Snel probeer ik mij om te kleden in de regen, maar met de verstijfde vingers gaat het niet zo gemakkelijk.
De pizzeria in het dorp is net geopend – ik stap naar binnen met mijn natte spullen en bestel een kop koffie. Heerlijk om even bij te komen, op te warmen en te zitten in een stoel. Ondertussen leg ik mijn powerbank aan het stroom en bestudeer het menu. Een hamburger met frieten heb ik wel verdiend, dus eet ik warme lunch. Omdat ik weet dat ik de weerapps niet hoef te geloven, kijk ik er inmiddels niet meer naar. Het is buiten donker genoeg om te weten dat er buien aan komen dus ga ik verder in mijn regenpak. Binnen een kilometer gaat mijn regenpak uit, een kilometer later stap ik in t-shirt en korte broek rond en veeg het zweet van mijn voorhoofd. Vandaag hike ik naar het campingbadet van Surahammar; dat klinkt alsof daar gekampeerd kan worden. In de buurt van Surahammar is verder geen overnachtingsmogelijkheid en het liefst slaap ik bij beschutting vanwege het slechte weer.
Halverwege de middag kom ik bij het campingbadet aan, het is druk met een groep jongeren maar de kiosk is gesloten. Ik neem plaats op het terras en bedenk wat ik ga doen – alles ziet er hier dicht uit en er is geen accurate informatie online te vinden. Maar er is hier wel een mooi overdekt terras, dus wellicht kan ik hier heel stilletjes blijven hangen en vanavond overdekt slapen. Ik zetel mij op het terras, leg mijn spullen te drogen in het schaarse zonnetje en lees mijn boek. Plots komt er toch leven in de brouwerij – drie mannen van de kiosk arriveren en gooien de boel deels open. Ik pak mijn rugzak in want ik heb er wel een rommeltje van gemaakt. Het blijkt dat de mannen de kiosk gaan opruimen en winterklaar maken – wat? Inderdaad het is nog niet eens half augustus maar de Zweedse zomerweken zijn voorbij; dat betekent dat veel zomercafé’s, campings andere openingstijden hebben of zelfs helemaal dicht gaan. Halverwege de avond hike ik toch maar verder; het voelt niet goed om hier te blijven hangen. Nog geen kilometer verder is een natuurreservaat en daarnaast ligt een voetbalveld. En daar zie ik prachtige dug-outs.. dat is een droge plek voor vannacht – zowel de ondergrond als ook deels voor de regen/onweer van boven.
Surahammar-Hallstahammar
Het is een korte nacht – ik word gek van de muggen, die ondanks het anti-muggenspul toch doodleuk op mijn gezicht gaan zitten. Ze zijn niet alleen tot laat in de lucht; bij zonsopgang melden ze zich weer. Een snelle blik op de weerapp doet mij mijn spullen pakken en weggaan – er komt regen aan en het is fijn om mijn spullen droog in de rugzak te stoppen. Vandaag moet ik eerst op zoek naar water voor mijn ontbijt. Ik ga het voetbalveld af en daar is een mooie veranda met waterkraan bij de kleedkamers – perfecte plek om te koken want het is inmiddels gaan miezeren. Na mijn ontbijt blijf ik hangen – maar uiteraard klopt er niets van de weerapps. Dus besluit ik mijn regenjas aan te trekken en mijn regenbroek in de buurt te houden als ik op pad ga. Ik ben nog geen 500 meter onderweg of het begint toch te plenzen, niet normaal. Snel ga ik onder een boom wachten, maar daar houd ik het niet lang droog. Toch maar rugzak open en regenbroek aan en verder met wachten. Mijn harpoenvisduikunit staat nonchalant tegen mijn been en ik besluit om deze op mijn hoofd te zetten – daar heeft deze meer nut. Het blijft grijs en het regent onverminderd hard door, dus hike ik verder met mijn unit op mijn hoofd. Nu voel ik geen regen in mijn gezicht en dus is het net of het veel minder nat is.
Vandaag heb ik een alternatief plan; omdat ik het gisteren zo koud heb gehad en er al snel een groot meer komt, besluit ik om meteen een lang deel te hiken. Mijn regenpak kan ik de hele tijd aanhouden, af en toe zet ik mijn unit weer op mijn hoofd of schuil ik op een veranda van een huis waar niemand thuis is. Het is zulk slecht weer dat ik een volgend alternatief plan aan het smeden ben. Eigenlijk wil ik bij de sluis van Ålsätra (halverwege mijn etappe), starten met zwemmen. Maar daar is ook een vindskydd, dus wil ik daarheen om de handdoek voor vandaag in de ring te gooien. Het is niet altijd even duidelijk waar de skydd zich bevindt, dus ook nu moet ik zoeken.. en jawel, ik vind deze aan de andere kant van het water.. en jawel, dat blijkt een eiland te zijn.. zucht.. Ik heb juist geen zin om me om te moeten kleden om te zwemmen, dus is de skydd geen optie.
Dan kan ik net zo goed mijn weg vervolgen. In de stromende regen kleed ik mij om en spring het water in. Het water is vrij smal en de stroming is lekker; voor ik het weet ben ik bij de volgende sluis. Hier mag ik mijn spullen een kleine kilometer langs drie sluizen sjouwen om er daarna weer te water te gaan. Ik zwem nog een klein stuk om bij de vierde sluis definitief de kant op te klimmen om naar de camping te gaan. Vandaag heb ik het koud gehad en ben wel toe aan warmte en een plek om spullen te drogen. Op de camping kan ik een stuga (hut) met verwarming boeken en er is een sauna – ik ben helemaal blij!
Hallstahammar-Strömsholm
Dit is de laatste dag van mijn swimpacking avontuur. Bij het opstaan heb ik dikke ogen, tja dat krijg je als je met de verwarming aan slaapt. Maar wat was het heerlijk om een warm onderkomen te hebben. De dag begint met een piepklein zonnetje dus ik ben in de zevende hemel – zou ik dit natte avontuur dan droog beëindigen? Een korte hike brengt mij aan de waterkant. Ik bestudeer het water goed – de stroming is aanzienlijk toegenomen. De Kraftwerken werken op volle toeren om de regen van storm Hans te verwerken. Er is aangegeven dat recreëren op het Strömsholmskanal op eigen verantwoording is. Het aanzwemstuk bij de volgende sluis, ofwel de volgende energiecentrale, is breed en aan de kant van de sluis kan ik daarvoor al gemakkelijk naar de kant komen. Ik heb er vertrouwen in en ga te water.
Na de sluis zit er nog meer vaart in het water en zwem ik in rap tempo naar Kolbäck. In het dorp wil ik uitstappen bij de steiger van een hotel; ik moet hard uit de stroomversnelling naar rustiger water zwemmen en bijna mis ik de steiger. Het water is nog meer gestegen en de stroom nog meer toegenomen; de boeien, die het vaardeel aangegeven, zijn bijna niet meer te zien.
Mijn spullen pak ik weer in de rugzak om voor de laatste keer te hiken naar Strömsholm. Onderweg loop ik nog langs een ander Kraftwerk en zie al dat ik daar echt niet had willen zwemmen – enorm veel stroming. Onderweg drink ik mijn warme chocomelk, het is nog steeds koud en nat.
Voor ik de laatste keer het kanaal in ga, neem ik een kijkje bij het koninklijk paleis van Strömsholm. Maar door de regen ben ik ook weer snel weg. Op een steiger wurm ik mij in mijn natte wetsuit, sjor de spanbanden aan op mijn unit en laat mij in het water zakken. Het laatste deel van het kanaal heeft geen stroming en er liggen veel takken en blaadjes in het water. Langzaam komt de laatste sluis dichterbij; het is nummer 26 van het kanaal. Hier eindigt mijn swimpacking-avontuur. De sluiswachter staat op de kant, een jonge knul die nieuwsgierig is wat ik aan het doen ben. In de regen maken we een praatje; hij houdt het kort, het is te slecht weer om lang te kletsen..
drybag 109L (voor rugzak), 3x kleine drybag voor kleding+slaapspullen, 1x 25L drybag voor mijn bijdehand-tasje, heel veel kleine plastic zakjes, 2x lange sjorband, 2x korte sjorband
en een boek..
Gemiddeld had ik mij bij aan eten/drinken: koffie/thee/chocomel, 2x avondeten, zak vetekakor (ronde zweedse broodjes), jam, pindakaas, zak noten, zak Riesen, tomaat en wortel
Mijn allerfijnste hulpmiddelen onderweg:
de app min karta (elke pad, huis, hoogtemeter en landschapskenmerk staat hierop) perfect om uit te vinden of je ergens aan land kunt
google maps voor het vinden van supermarkten en campings
paddles, om het gevoel te hebben dat je vooruit komt
Waardeloos:
de weerapps, voorspellingen over het weer tijdens storm Hans kwamen nooit uit..
nat wetsuit aantrekken
Feiten Strömsholmskanal:
11 mijl lang (de Scandinavische mijl is 10KM, dus 110km) van het Dala-gebergte tot de Mälar-vallei in het zuiden https://en.wikipedia.org/wiki/Scandinavian_mile
100m drop die verwerkt worden door 26 sluizen
het kanaal loopt dwars door het Ekomuseum Bergslagen, dat is een gebied dat wordt gekenmerkt door honderden jaren ijzerproductie. Ooit was het landschap vol met mijnen, hutterreinen en smederijen en werd er de basis gelegd voor de moderne staalindustrie. Het kanaal is dan gemaakt om gebruikt te worden voor de mijnbouw. Eindproducten van de fabrieken in de buurt van het kanaal werden verscheept naar Väster*as en Stockholm en verder voor export.
in 1774 werd het traject van het kanaal in kaart gebracht, in 1776 werd het bedrijf Strömsholms Slusswerk opgericht. De aanleg begon in 1777 en in 1795 was het volledig voltooid. Met de opkomst van het spoor en het wegverkeer verloor het kanaal zijn belang. In 1940 werd er nog maar minimaal gebruik van gemaakt en stond sluiting ter discussie. Men zag in dat het kanaal waardevol voor het recreatief verkeer kon zijn en het kanaal werd tussen 1963 en 1970 weer gerenoveerd.
Ik heb gezwommen over grote meren en door smalle kanalen. Daarbij heb ik die meren overgestoken, genavigeerd langs de kant, op eilanden gemikt, tussen boeien en door waterplanten gezwommen. Er was soms stroming, soms veel stroming maar meestal geen stroming. Onderweg ben ik schuimkopjes tegen gekomen en spiegelgladde oppervlakten. De wind zat soms mee en soms tegen. De muggen waren er óf in grote getale óf helemaal niet. Ik heb regen gehad, kleine zon en storm met onweer. Soms lag ik te bibberen in het water en later op de dag zweette ik tijdens het hiken. Om mij heen heb ik bos gehad, heide, moeras, boerenland en kwam ik door zowel gehuchtjes als door steden. ’s Nachts sliep ik in het wild, in een vindskydd, op een camping onder mijn tarp en een keer in een stuga.
Al tijden keek ik uit naar dit avontuur: swimpacking. Hetzelfde concept als bikepacking, hiking maar dan zwemmend – klinkt geniaal toch?
Harpoenduikdrijfplank
Maar hoe doe je dat? Uiteraard is dit niet nieuw en er bestaat een speciale swim-unit waar je je spullen op mee kunt nemen. Het is de Ruckraft, een bedrijf in de UK verkoopt ze, verhuurt ze en organiseert events. De Ruckraft ziet er super uit, maar heeft lange levertijd en kost een aardige bom duiten (los van de importkosten). Omdat ik niet zeker weet of ik het echt leuk ga vinden (alhoewel.. ik ben gek op zwemmen dus waarom zou ik dit níet leuk vinden?!), zocht ik een alternatief. De, wat minder fancy uitgevoerde, opblaasbare drijfplank voor harpoenduiken leek mij wel wat.
Test
Inmiddels is het einde openwater zwemseizoen eer ik deze in huis heb; maar hé ik wil ‘m wel erg graag uitproberen. Dus de hele week de weerberichten in de gaten gehouden, ik heb namelijk drie eisen: – geen regen – geen koude nacht – weinig wind. Voorspellingen voor afgelopen nacht waren aan het begin van de week de meest gunstigste. Dus testte ik vol verwachting donderdag mijn harpoenduikdrijfplank; want ik wist niet of het überhaupt zou lukken. Aangezien mijn meeste drybags niet écht meer dry zijn en ook niet zo groot, testte ik met mijn fietstassen. De tassen kunnen tegen stootje, zijn makkelijk vast te maken en zijn behoorlijk waterdicht. Test was geslaagd, de harpoenduikdrijfplank doopte ik om in Swimpack.
Het avontuur
Vrijdagochtend zocht ik de spullen voor mijn micro-avontuur bij elkaar. Wat neem je mee als je een nacht op een plek verblijft waar geen faciliteiten zijn? Uiteraard je slaapspullen, warme kleding, eten en drinken. Nogmaals bekeek ik het weerbericht: nacht is nog steeds niet koud (11 graden), weinig wind maar er komt (miezer)regen.. Wetende dat het seizoen er echt bijna op zit (tenminste om zonder wetsuit te zwemmen en zonder koude nachten) én ik het wel heel graag wil; besluit ik mijn tent mee te nemen. Voor dit soort avonturen gebruik ik graag mijn bivakzak, lekker licht en lekker handig. Maar met regen is een bivakzak absoluut geen pretje, vooral als er verder geen faciliteiten zijn om onder te zitten/schuilen. Al mijn spullen gaan in de fietstassen en met de tent achterop gebonden, fiets ik van huis weg.
De bestemming
Maar waar ga je swimpacken? Natuurlijk bij water en bij voorkeur een eiland, dan heb je echt iets om naar toe te zwemmen. Dus pakte ik de kaart en keek wat rond. Een eiland van Het Rondje Eilanden zou een bestemming kunnen zijn, maar verandering van spijs doet zwemmen en ik keek verder. Loosdrecht, daar kom ik niet vaak.. wat verder googlen en ik vind wat ik zoek: er zijn twee eilanden waar je mag paalkamperen! Tadaaaa, bestemming gevonden en nu nog een startplek vinden. Ergens moet ik mijn fiets achterlaten en dat doe ik liever niet te opvallend. Wat graven in mijn geheugen (opstapplaats schaatsen) en streetview van google maps erbij en ik vond een mooie parkeerplaats. Het is een picknick-tafel bij Muyeveld en mijn fiets stal ik onder de boom. Ik kleed mij om en tuig mijn Swimpack op met mijn fietstassen. Deze keer is ie zwaarder beladen dan met de test, dus ik hoop dat ie voldoende blijft drijven.
In het riet
Het water staat laag, de kant is hoog en de rietkraag is dik… is dit wel verstandig, want wat als ik er hier niet meer uitkom? Ik pak een tak en hang over de rand om te voelen hoe diep het is. Ondiep genoeg om te staan, maar die wallekant blijft aan de hoge kant. Ik bestudeer de rietkraag, dik en breed – kan ik mij daar wel een weg doorheen waden? Ondertussen is de miezer overgegaan in druppels en er schiet een koude rilling door mijn lichaam. Plots begin ik aan alles te twijfelen, is het wel slim om dit in mijn eentje te doen? En waarom wil ik meteen een stuk plas over naar een eiland dat ik niet ken. Wat als de Swimpack omslaat, dan is alles zeiknat maar erger nog.. straks maakt ie water en zinkt alles. Hoe lang kan ik schoolslag zwemmen met een half zinkend pakket wat steeds zwaarder wordt? Okay, even een stapje terug – waarom wil ik dit? Ik kijk nogmaals naar het eiland: hoe vet is het om daar naar toe te zwemmen, te slapen en weer terug te zwemmen – gewoon met al je spullen?!
En dan ploppen de weerleggingen op voor mijn plotse onzekerheden:
inderdaad hoge kant, maar de buurman heeft een steiger met trappetje en als die niet thuis is, is er een andere buurman en wat verderop is een haven dus ik kom hoe dan ook het water uit
rietkraag is dik, maar met schoenen aan kan ik waden en rietstengels knakken en anders klim ik er weer uit
als het te zwaar is, draai ik om
hoe erg is het als alle spullen nat zijn, het zijn slechts spullen
en als er wat gaat zinken, dan is het handig om mijn telefoon en huissleutel te redden – de rest is makkelijk vervangbaar en er is nog steeds niets aan de hand
Start
Ik laat me langzaam in het water zakken en mijn schoenen komen op stenen terecht. Mijn Swimpack trek ik rustig over de rand het water in. Hij kantelt naar achter dus positioneer ik de bovenste fietstas wat meer naar voren. Ik waad door het water en merk dat het riet makkelijk meegeeft – piece of cake. Zo’n 30m uit de kant kan ik beginnen met zwemmen – het eiland ligt schuin voor mij, makkelijk zichtbaar door een blauw bord op de kant. Voor ik mijn hoofd in het water steek, kijk ik om mij heen.. kan ik deze plek morgen nog gemakkelijk terug vinden? Een huis met een rieten dak, daarnaast wit huis met rieten dak en iets verderop een groot wit jacht bij een grote grijze vlag. Genoeg herkenningstekens dus ik begin te zwemmen. Elke vijf slagen kijk ik achterom: ligt alles nog op het Swimpack – wordt het erg nat – drijft het nog, etc. Ondertussen tikken de 100 meters op mijn horloge weg. Hoeveel meter lag dat eiland ook alweer uit de kant – 500/600m? Maar dat was een gok en in een rechte lijn en ik zwem vanaf een andere plek. Ik heb 500m gezwommen en het eiland lijkt geen cm dichterbij gekomen te zijn.
Het wordt frisser en mijn armen, die telkens boven water komen, koelen af. En dan beginnen twijfel en onrust weer de kop op te steken. Even stil liggen, ademhalen, brilletje omhoog en goed kijken. Ik vermoed dat ik op de helft ben van de afstand, echt koud heb ik het niet (ik weet wat écht koud hebben is, zie mijn blog over Het Kanaal) en ik kan kilometers zwemmen dus wat loop ik nu te piepen. Ik steek mijn hoofd weer onder water en zwem door. Ik kijk nog twee keer achterom en verder zwem ik stoïcijns naar het eiland. En voilà, ik ben er uiteindelijk toch nog sneller dan verwacht.
Marcus Pos
Het komt met bakken uit de hemel als ik het eiland op stap. Iets verderop staat een toiletgebouw, ik pak mijn Swimpack op en ga daar in de luwte van de bomen en het gebouwtje staan. Ik wil zoveel mogelijk spullen drooghouden; dus kleed ik mij niet om. Mijn regenjas trek ik aan over mijn badpak en zet snel mijn tent op. Dit is het moment waarop ik het wel oprecht koud krijg, dus ik trek nog even een sprintje over het eiland voor ik de tent in duik en droge kleren aantrek. Omdat ik niet wist of er water op het eiland zou zijn; heb ik een thermos meegenomen. Snel maak ik een warme (expeditie-)maaltijd, drink warme vruchtensap, steek kaarsjes aan en kruip in mijn slaapzak. Ik warm weer op!
In mijn droombeeld van swimpacking waren de avonden lang en ging de zon als een rode bol onder – vanavond zit ik in de tent en heb ik al snel mijn hoofdlamp nodig om iets te kunnen zien. Maar hé, ik ben er wel en het is toch wel een zot idee dat je met je spullen even een kilometer naar een eiland zwemt om aldaar te overnachten!
Finish
’s Ochtends wordt ik niet gewekt door het gekwetter van de vogels, maar tikt de regen nog steeds op mijn tentdoek. Voor mijn ontbijt, ren ik het eiland nog weer even rond – ik ben met een minuut weer terug (klein eiland). Koffie had ik ook meegenomen in een thermos, deze is inmiddels lauw maar smaakt toch goed. De terugweg is vice versa. In de tent doe ik alles weer terug in de tassen, ik trek mijn natte badpak en regenjas aan om de tent af te breken. Wat extra lucht in mijn Swimpack, fietstassen erop vastmaken en terug naar vaste wal. Inmiddels vind ik het niet zo spannend meer – ik kijk tijdens deze kilometer zwemmen welgeteld 5x achter me om te kijken of mijn Swimpack het nog goed doet. Ik ben blij dat ik gisteren goed georiënteerd heb, want het is mistiger en dus lastiger om precies te zien naar welke rietkraag ik moet zwemmen. Ik waad weer tussen de stengels door en zie de hoge wallekant. Ahoh, op hoop van zegen.. ik leg alle spullen op de kant en heis mezelf met wat krachttermen op de kant. Gelukt! En mijn fiets staat er nog! En er is nú een plensbui!
Wat een heerlijk avontuur –
ik kijk nu al uit naar de zomer voor meer van dit!